Wat is schijnzelfstandigheid en hoe voorkom je het als opdrachtgever?
Schijnzelfstandigheid betekent dat iemand op papier zzp’er is, maar in de praktijk werkt als werknemer. Sinds 1 januari 2025 controleert de Belastingdienst hier weer actief op. In 2026 geldt een zachte landing. Geen verzuimboete bij fouten in goede trouw. Wel een naheffing loonheffing als de samenwerking echt op loondienst lijkt. Je voorkomt het door te sturen op resultaat. Door freelancers te behandelen als externe expert. En door een geldige modelovereenkomst te gebruiken die ook in de praktijk klopt.
In deze gids lees je wat schijnzelfstandigheid is. Welke risico’s je loopt. Hoe een rechter het beoordeelt. En wat je morgen kunt doen om veilig met freelancers samen te werken.
Wat is schijnzelfstandigheid eigenlijk?
Schijnzelfstandigheid is geen nieuw begrip. Wel staat het in 2026 veel scherper op de radar van de Belastingdienst dan een paar jaar geleden. De definitie is simpel. Een freelancer presenteert zich als zelfstandig ondernemer. In de praktijk lijkt de samenwerking op een dienstverband.
De Belastingdienst hanteert daarvoor drie wettelijke kenmerken uit artikel 7:610 van het Burgerlijk Wetboek: arbeid, loon en gezag. Moet alleen die ene persoon het werk doen, zonder mogelijkheid tot vervanging? Krijgt diegene daar een vaste vergoeding voor? En bepaal jij hoe het werk wordt gedaan? Dan is er volgens de wet sprake van een arbeidsovereenkomst. Ook als het contract iets anders zegt.
Belangrijk: ook een echte zzp’er voert vaak persoonlijk arbeid uit. Het onderscheid zit in de mogelijkheid van vervanging, niet in het persoonlijk-zijn op zich.
Het verschil tussen een echte zzp’er en een verkapte werknemer zit dus niet in het papier. Het zit in de dagelijkse praktijk. Een echte freelancer kiest zelf zijn klussen, bepaalt zelf hoe hij werkt, draagt eigen risico en werkt voor meerdere opdrachtgevers. Een verkapte werknemer ziet er op het oog hetzelfde uit als je vaste team, maar krijgt geen loonstrook.
Dat onderscheid is geen academische kwestie. De Belastingdienst legt een te late herkwalificatie meestal bij jou neer, niet bij de freelancer. Heeft de freelancer ondernemersvoordelen genoten zoals de zelfstandigenaftrek? Dan kan de fiscus die alsnog corrigeren bij de freelancer zelf. Daarom is het slim om de regels nu goed te begrijpen.
Welke risico’s loop je als opdrachtgever in 2026?
Geen paniek. De handhaving in 2026 is scherper, maar niet meedogenloos. Het is goed om precies te weten wat er kan gebeuren. Zo voorkom je onnodige zorgen en neem je de juiste maatregelen.
Naheffing loonheffing
Het grootste risico is een naheffing. Stelt de Belastingdienst vast dat een freelancer eigenlijk werknemer was? Dan moet jij alsnog loonbelasting en premies werknemersverzekeringen afdragen. Die naheffing kan terug tot 1 januari 2025, de datum waarop het handhavingsmoratorium is opgeheven. Verder terug mag de fiscus niet. Behalve bij kwade trouw of bij een eerdere aanwijzing die niet is opgevolgd.
Het bedrag hangt af van het uurtarief en het aantal uren. Bij een freelancer die fulltime een jaar voor jou werkte, kan het snel oplopen tot tienduizenden euro’s. Een deel daarvan kun je verhalen op de freelancer. Namelijk het deel dat hij anders aan inkomstenbelasting had betaald. De rest is voor jou.
Boetes: zacht in 2026, harder daarna
In 2026 deelt de Belastingdienst nog geen verzuimboetes uit voor schijnzelfstandigheid. Dat is de zogenoemde zachte landing die het kabinet heeft verlengd. Maak je als opdrachtgever een fout in goede trouw? Dan volgt eerst een gesprek of een bedrijfsbezoek, niet meteen een boete.
Vergrijpboetes zijn een ander verhaal. Die mag de fiscus in 2026 wél opleggen als er sprake is van opzet of grove schuld. Denk aan situaties waarin je willens en wetens een werknemer als zzp’er hebt ingehuurd om premies te ontwijken. Dat valt al snel buiten de zachte landing.
Premies werknemersverzekeringen
Soms onderschat. Een freelancer die als werknemer wordt beschouwd kan ook achteraf bij de rechter een arbeidscontract claimen. Inclusief vakantiegeld, loondoorbetaling bij ziekte en ontslagbescherming. Dat speelt vooral bij langlopende samenwerkingen die plotseling stoppen.
Hoe beoordeelt de rechter of iets schijnzelfstandigheid is?
Hier komt de term Deliveroo-arrest om de hoek kijken. In maart 2023 oordeelde de Hoge Raad dat de bezorgers van Deliveroo eigenlijk werknemers waren. Belangrijker dan die conclusie is het toetsingskader dat de Hoge Raad daarbij heeft vastgelegd. Dat kader gebruikt de rechter sindsdien voor elke beoordeling. Ook de Belastingdienst en andere uitvoerende instanties zijn er aan gebonden.
De holistische toets
De Hoge Raad zegt: kijk naar alle feiten en omstandigheden samen. Geen enkel kenmerk is op zichzelf doorslaggevend. Dat heet de holistische toets. Op 21 februari 2025 heeft de Hoge Raad bevestigd dat ook “extern ondernemerschap” volwaardig meeweegt in dit oordeel. In januari 2026 oordeelde het Hof in de Uber-zaak dat je per chauffeur moet kijken, niet collectief. Iemand die zelf in zijn auto investeerde en eigen risico droeg, kon wél als ondernemer worden gezien.
De boodschap voor opdrachtgevers: er is geen lijstje dat je kunt afvinken om absolute zekerheid te krijgen. Wel zijn er acht omstandigheden die de rechter steeds opnieuw weegt. Hoe meer kenmerken richting ondernemerschap wijzen, hoe sterker de positie van de freelancer (en jij).
De 8 Deliveroo-criteria in één oogopslag
| Criterium | Wijst op werknemer | Wijst op ondernemer |
| 1. Aard en duur van het werk | Structureel, lang | Tijdelijk, projectmatig |
| 2. Hoe het werk wordt gedaan (gezagsverhouding) | Instructies over uitvoering | Instructies over resultaat |
| 3. Inbedding van het werk in de organisatie | Onderdeel van het team | Externe expert die komt en gaat |
| 4. Persoonlijk werken | Alleen jij mag komen | Vervanging is mogelijk |
| 5. Wijze van betaling | Vast bedrag per maand | Factuur per klus |
| 6. Hoogte van de beloning | Dichtbij minimumloon | Marktconform of hoger |
| 7. Commercieel risico | Opdrachtgever vangt verlies op | Freelancer draagt eigen risico |
| 8. Gedrag als ondernemer | Werkt alleen voor jou | Eigen website, meerdere klanten |
Belangrijk om te onthouden: in de praktijk wegen twee criteria vaak het zwaarst. De bepaling van werkzaamheden en werktijden (criterium 2). En het extern ondernemerschap (criterium 8). Maar ze zijn niet allesbepalend. Een freelancer met één opdrachtgever kan nog steeds ondernemer zijn als de andere criteria sterk uitslaan naar zelfstandigheid.
De praktische checklist: zo voorkom je schijnzelfstandigheid
Tot zover de theorie. Wat kun je morgen doen om de risico’s klein te houden? Hieronder de zes maatregelen die het verschil maken in een controle door de Belastingdienst.
- Stuur op resultaat, niet op uitvoering. Vertel een freelancer wat er klaar moet zijn, niet hoe en wanneer hij dat precies moet doen. “De vracht moet om 17:00 uur weg” is prima. “Pak de doos met je linkerhand en loop drie stappen naar rechts” is gezag. Dat laatste hoort bij loondienst.
- Behandel een freelancer als externe expert. Geen kerstpakket, geen smoelenmuur, geen verplicht teamuitje. Dat klinkt streng, maar het is de kern van het criterium “inbedding”. Een freelancer komt om een klus te doen en gaat weer weg. Veiligheidskleding mag, een verplicht bedrijfsshirt zit in een grijs gebied.
- Wissel mensen af bij langdurige inzet. Hoe langer dezelfde freelancer voor jou werkt, hoe meer het op een dienstverband lijkt. Werk je structureel met freelancers? Roteer ze. Een goede vuistregel: bij meer dan 600 uur per jaar voor één freelancer ga je een gesprek aan. Daarin bekijk je samen of het verstandig is om door te gaan.
- Zorg dat vrije vervanging echt mogelijk is. Een freelancer mag iemand anders sturen als hij zelf niet kan. Is die vervanging in de praktijk onmogelijk? Bijvoorbeeld omdat alleen die ene persoon de juiste skills heeft? Dan wordt het een teken van loondienst. Werk daarom liever met meerdere freelancers die elkaar kunnen vervangen.
- Leg afspraken vast in een modelovereenkomst die ook in de praktijk klopt. Een modelovereenkomst gebaseerd op de kaders van de Belastingdienst beschermt je niet als de praktijk anders is. Papier is geduldig. Werk je in de praktijk met gezag en inbedding, dan is het contract waardeloos. Andersom geldt: een goede modelovereenkomst plus een nette werkpraktijk vormt samen je sterkste verdediging in een controle.
- Zet geen concurrentiebeding in een freelance-contract. Een freelancer is ondernemer en mag voor iedereen werken. Een concurrentiebeding is een signaal van loondienst en daarmee een rood vlaggetje voor de Belastingdienst.
Hoe een platform als YoungOnes het risico kleiner maakt
Veel van bovenstaande maatregelen kun je zelf regelen. Een platform als YoungOnes neemt een aantal stappen voor je uit handen. En levert een dossier dat in een controle bruikbaar is. Een korte rondleiding.
Goedgekeurde modelovereenkomsten. Iedere klus via het YoungOnes-platform loopt onder een modelovereenkomst die is gebaseerd op de kaders van de Belastingdienst. Sinds 2024 keurt de Belastingdienst geen nieuwe modelovereenkomsten meer goed, maar de bestaande YoungOnes-overeenkomsten blijven geldig.
Vrije vervanging via de app. Kan een freelancer een klus niet doen? Dan regelt hij via de app een vervanger. De factuur komt op naam van de persoon die het werk daadwerkelijk heeft gedaan. Dat is een direct bewijs dat persoonlijk werken niet vereist is.
De 600-uurswaarschuwing. Als een freelancer bijna 600 uur per jaar voor jou heeft gewerkt, krijg je een seintje in het dashboard. Bij 660 uur volgt een tweede signaal. Dat helpt voorkomen dat één freelancer ongemerkt op fulltime niveau bij je terechtkomt. Aan jou om dan zelf de arbeidsrelatie kritisch tegen het licht te houden.
UBD-export. Werk je met zzp’ers die geen btw afdragen? Dan moet je betalingen op verzoek van de Belastingdienst opgeven. Dat is de UBD-opgave. Het YoungOnes-platform maakt elk jaar een kant-en-klaar bestand. Dat upload je direct.
Geen ketenaansprakelijkheid. Bij directe inhuur via het platform zit er geen uitzendbureau tussen. De freelancer doet zelf belastingaangifte. Daardoor heb je geen risico dat een tussenpersoon zijn afdracht overslaat en jij daarvoor aangesproken wordt.
Onsi-verzekering voor werkongevallen. Als een freelancer tijdens een klus letsel oploopt, is hij of zijn verzekerd via Onsi. Dat is geen juridische bescherming tegen schijnzelfstandigheid, maar het haalt wel een praktische zorg weg.
Een platform vervangt jouw werkpraktijk niet. Het maakt het wel een stuk makkelijker om die werkpraktijk schoon te houden en in een controle te onderbouwen.
Wat verandert er nog? VBAR, rechtsvermoeden en de Zelfstandigenwet
Op het wetgevingsfront staat 2026 niet stil. Drie ontwikkelingen om in de gaten te houden, zonder dat je er nu paniekerig van moet worden.
De Wet VBAR is gehalveerd. In maart 2026 heeft het kabinet het verduidelijkingsdeel van de VBAR geschrapt. Het rechtsvermoeden is losgekoppeld en als apart wetsvoorstel 36783 ingediend.
Het rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst. De verwachte ingangsdatum is 1 januari 2027. Verdient een freelancer minder dan €38 per uur (peildatum 1 januari 2026, jaarlijks geïndexeerd)? Dan kan hij het rechtsvermoeden inroepen. Pas dan kantelt de bewijslast en moet de opdrachtgever aantonen dat het toch geen loondienst is. Belangrijk: het mechanisme werkt niet uit zichzelf. De werkende moet het actief inzetten.
De Zelfstandigenwet als opvolger. Het nieuwe kabinet werkt aan een Zelfstandigenwet die kijkt naar wat wél mag. Het basisprincipe: gedraag je je als ondernemer (eigen website, meerdere klanten, eigen investeringen)? En is de klus geschikt voor een zzp’er (geen inbedding, geen leiding)? Dan zit je goed. De ingangsdatum is op zijn vroegst eind 2026.
Concreet: er verandert in 2026 op korte termijn weinig aan hoe je nu werkt. Wel is het slim om nu al te bouwen aan een werkpraktijk die ook onder de nieuwe regels stand houdt.
Veelgestelde vragen
Wat is schijnzelfstandigheid in simpele woorden? Op papier ben je zzp’er. In de praktijk werk je als werknemer. Bijvoorbeeld omdat je opdrachtgever bepaalt hoe je je werk doet. En je geen vervanger mag sturen. En je alleen voor hem werkt. De Belastingdienst zegt dan: dit was eigenlijk loondienst.
Wanneer loop ik als opdrachtgever risico op een naheffing? Als de Belastingdienst constateert dat een freelancer eigenlijk werknemer was. Dan moet je alsnog loonheffing en premies werknemersverzekeringen betalen, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025. Verder terug mag niet, tenzij er sprake is van kwade trouw.
Mag ik een freelancer instructies geven over zijn werk? Ja, over het resultaat. Niet over de uitvoering. “Het rapport moet vrijdag af zijn” is prima. “Schrijf het in lettertype 11 en stuur me elke ochtend een update” is gezag. Dat hoort bij loondienst.
Krijg ik in 2026 een boete bij schijnzelfstandigheid? Geen verzuimboete als je in goede trouw handelt. Wel een vergrijpboete bij opzet of grove schuld. En in alle gevallen waar de fiscus loondienst vaststelt, volgt een naheffing loonheffing.
Hoe lang mag dezelfde freelancer voor mij werken? Er is geen wettelijk maximum. Maar hoe langer de samenwerking, hoe meer het op loondienst gaat lijken. Een vuistregel: bij meer dan 600 uur per jaar voor één freelancer is een gesprek slim. Wissel je freelancers af bij structurele inzet.
Wat is de Wet DBA en geldt die nog in 2026? Ja. De Wet DBA uit 2016 is nog steeds van kracht. Sinds 1 januari 2025 wordt er weer actief op gehandhaafd. De wet zelf bevat geen harde criteria. De rechter en de Belastingdienst kijken naar de praktijk via het Deliveroo-arrest.
Beschermt een modelovereenkomst mij volledig? Nee. Een modelovereenkomst is een vertrekpunt, geen eindbestemming. Werk je in de praktijk anders dan in het contract staat? Dan is het contract waardeloos. De combinatie van een geldige modelovereenkomst en een nette werkpraktijk is wel je sterkste verdediging.
Wat is het Deliveroo-arrest en wat betekent het voor mij? Een uitspraak van de Hoge Raad uit maart 2023. De rechter oordeelde dat Deliveroo-bezorgers werknemers waren. Belangrijker is het toetsingskader: rechters kijken naar acht omstandigheden samen, in hun onderling verband. Geen enkel kenmerk is doorslaggevend.
Tot slot
Schijnzelfstandigheid is een serieus onderwerp, maar geen reden om geen freelancers meer in te huren. Werk je via een platform met goede modelovereenkomsten? Stuur je op resultaat? Behandel je freelancers als externe expert? Dan zit je in 2026 veilig.
De handhaving wordt strenger, maar de speelruimte voor opdrachtgevers die het netjes regelen blijft groot.
Plaats een klus en huur direct freelancers in via een goedgekeurde modelovereenkomst.
Bronnen
- Belastingdienst: Schijnzelfstandigheid en arbeidsrelatie
- Rijksoverheid: Vanaf 1 januari 2025 volledige handhaving op schijnzelfstandigheid
- Hoge Raad: Deliveroo-arrest (ECLI:NL:HR:2023:443)
- Rijksoverheid: Wetsvoorstel VBAR
- Tweede Kamer: Wetsvoorstel 36783 Invoeren rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst
- Rijksoverheid: Voorkomen van schijnzelfstandigheid
- ZZP Nederland: Boetes bij schijnzelfstandigheid ook in 2026 uitgesteld